Het verbond met Dik Water (veengrond)

Het was hier, op deze plek, honderden jaren geleden, dat de mens en de veenpolder een verbond sloten. Een verbond om samen te werken, om elkaar te versterken en om elkaar te respecteren in het zijn. De taakverdeling was eenvoudig en tegelijkertijd ingenieus. De veengrond (Dik Water) draagt, voedt en verzorgt. De mens bewerkt, ontvangt en geeft nieuwe aarde terug. Zo boetseerden ze samen landkunst met hakhout, water en sompige grond: een Dik Water-mozaïek van akkertjes, sloten en poelen. Voldoende om op te leven. Met koe, schaap en wat graan.

Het verbond hield stand, zelfs toen de meeste veenpolders afgegraven werden voor turf. De mens liet de akkers in deze polder met rust en Dik Water bleef wat het altijd was geweest: eeuwenoude veengrond. Dik Water was dankbaar en ontpopte zich, gevoed door de vochtige warmte van het naastgelegen meer, tot bijzonder vruchtbare teeltgrond. Nergens groei(d)en peulen, aardbeien, doperwten, snijbonen, augurken, tulpen en narcissen zo vroeg én goed als hier.

De bedrijvigheid nam daarna snel toe en daarmee ook de last die Dik Water moest dragen. De akkers weerden zich kranig, maar als de druk te groot werd, trok Dik Water zich letterlijk terug, millimeter voor millimeter. De mens reageerde zorgzaam en versterkte Dik Water met verse aarde uit het Braassemermeer. Keer op keer, zoals het verbond ooit bedoeld was.

Zo werken de mens en Dik Water tot de dag van vandaag hier met elkaar samen. In een waardevol verbond dat ons bewust maakt van de vrijgevigheid én kwetsbaarheid van de natuur. En dat ons schatplichtig maakt aan de polder, aan Dik Water en aan elkaar. Toen, nu en (over)morgen!

De Veender- en Lijkerpolder

De Veender- en Lijkerpolder buiten de bedijking is de enige polder in de gemeente Kaag en Braassem die nooit afgegraven is voor turf. Het zou te duur zijn geweest om de polder, die aan de oevers van de Braassemermeer ligt, droog te malen, te vervenen en te voorzien van een stevige veendijk langs de oevers van het meer. Het gebied was bovendien relatief dichtbevolkt: aan de twee wegen door de polder (Noord- en Zuideinde) stonden veel woningen met daarachter gelegen akkers. Het was ook daarom goedkoper om de andere twee polders, die minder dichtbevolkt waren, te vervenen. Dat leverde al meer dan genoeg turf op.

Een vruchtbaar, maar kwetsbaar gebied

De veengrond in dit gebied staat bekend als ‘vroege grond’: grond waarin de gewassen goed en snel groeien. De (sluis)verbinding met het Braassemermeer zorgt ervoor dat de grond hier vochtig is, maar ook warmer dan de grond in omliggende polders. Het water van het meer warmt gedurende de zomer op en geeft tot zeker december warmte af. Daarnaast trekt de zwarte veengrond in deze polder meer zonlicht aan dan bijvoorbeeld zandgrond dat lichter van kleur is.

De veengrond in dit gebied staat bekend als ‘vroege grond’: grond waarin de gewassen goed en snel groeien

De specifieke samenstelling van veengrond zorgt ervoor dat deze grond niet alleen vruchtbaar is, maar ook kwetsbaar. Veengrond klinkt namelijk na verloop van tijd in. Hoe meer de grond belast wordt, op welke manier dan ook, hoe sneller die verzakt. Om erop te kunnen blijven ondernemen, worden akkers en wegen in deze polder daarom met grote regelmaat opgehoogd met verse aarde, vaak afkomstig uit de Braassemermeer.

 


 De Tulpenroute in Roelofarendsveen wordt mogelijk gemaakt door lokale ondernemers. Dit verhaal wordt u aangeboden door: Kaag en Braassem Promotie en door de Cofinancieringsregeling Rijn- en Veenstreek en de provincie Zuid-Holland. Concept en fotografie: Windkracht-10.nl Erma Rotteveel. Tekstconcept: Annemieke de Man